"spreken"
gedachten

Afgelopen keer

"We kunnen nu beter de verassing openen."zei Harry met een blos op z'n gezicht.
Malfidus knikte ja, en ze maakten nu eindelijk de verassing open.


Hoofdstuk 2 – De verrassing

Halloween nacht

"Wat is dit?" zei Malfidus toen hij en Harry de verrassing opende.
"Het is een boek over zielpartners." zei Harry in zijn vrouwelijke stem.
"Zou dit moeten betekenen dat wij zielpartners zijn?" zei Malfidus die nu weer naar Harry keek.
"Ik denk van wel, ander zouden we de verrassing niet kunnen openen. Dat zei professor Perkamentus ook." zei Harry, terwijl hij naar het boek keek.
Harry pakte het boek op en bekeek het aan alle kanten. Toen zag hij de naam van de schrijver van het boek en hij schrok.
"Waarom schrik je?" zei Malfidus met een bezorgde blik in zijn ogen.
"De schrijvers…die ken ik…" zei Harry die moeilijkheid had met het praten omdat hij nogal erg geschrokken was.
Malfidus pakte het boek van Harry en keek ook naar de schrijver.
Op het boek staat 'Zielpartners door S.Zwarts & R.Lupos'.

"Wat? Door een crimineel en een weerwolf?" zei Malfidus geschrokken.
"Hé, Sirius was geen crimineel en Remus kan er niets aan doen dat hij een weerwolf is." zei Harry met een boze blik in zijn ogen.
"Hoe ken jij ze eigenlijk?" zei Malfidus nieuwsgierig.
"Ze zijn vrienden van mijn ouders." zei Harry eerlijk.
"Dus als hun dit boek hebben geschreven, dan kan het alleen betekenen dat hun zelf ook zielpartners zijn, of niet?" zei Malfidus.
"Uhm, ja. Misschien hebben ze hun ervaring er in gezet of zo." zei Harry.
"Laten we het boek maar samen gaan lezen, oké?" zei Malfidus met een sluwe lach.
"Wat! Samen lezen? Waarom, we kunnen het ook zo doen dat jij het eerst leest en dat je later het boek aan mij geeft." zei Harry nerveus.

Harry ging staan en liep richting de deur. Malfidus ging snel achter hem aan en hield hem tegen. Opeens verdween de deur en begon de ruimte, waar ze zich bevonden, te veranderen.
"Hé, wat gebeurt er nu weer?" zei Harry terwijl hij om zich heen keek.
"Ik weet het niet." zei Malfidus. "Maar ik weet wel dat ik wenste dat je niet weg ging."
"Waarom probeer je me toch tegen te houden Malfidus." zei Harry boos.
"Ik heb toch gezegd dat je me Draco moet noemen." zei Malfidus. "En ik houdt je alleen maar tegen, omdat ik je iets beter wil leren kennen."
"En ik heb daar niets over te beslissen? Als ik jou zou willen kennen, dan bleef ik wel. Maar omdat dat niet het geval is, ga ik weg." zei Harry. "Dus laat me gaan."
"Nee." zei Malfidus.

Terwijl Harry en Malfidus aan het praten waren kwam er een andere bank en tafel te staan, maar ook een deur naar een slaapkamer.
Harry zag de deur en liep er zonder te denken naartoe.
"Dat is niet de uitgang hoor." zei Malfidus met een sluwe glimlach op zijn gezicht.
"Wat moet ik doen voordat je me laat gaan." zei Harry.
"Ik wil…." zei Malfidus. "Ik wil een kus van jou, Lily."
"Een kus….een kus!" zei Harry geschrokken. "Wat voor één eigenlijk?"
"Een kus op de mond. Misschien, als je het fijn vind, met onze tong." zei Malfidus.
"O nee, niet met je tong." zei Harry.

Waarom ik? Wat heb ik gedaan om Malfidus te verdienen als een zielpartner?
Malfidus liep naar Harry toe en pakte hem bij zijn hand. Toen liep hij met Harry aan de hand naar de bank en ging zitten. Hij trok Harry met zich mee en Harry viel op hem neer.
"Alsjeblieft? Het is maar één kus." zei Malfidus bijna smekend.
"Uhm……oké, het blijft bij één kus en dan laat je me gaan, beloof me dat." zei Harry.
"Ik beloof het." zei Malfidus blij.
Malfidus trok Harry dichter naar zich toe en keek in de mooie ogen van Harry.
"Je heb echt mooie ogen, het lijkt net alsof je een andere kleur eronder hebt., maar het zijn de mooiste paar ogen die ik ooit heb gezien." zei Malfidus betoverend door Harry's ogen.
"Oh, dank je. Maar jij hebt ook hele mooie ogen hoor." zei Harry die in Malfidus's ogen keek.
Malfidus leunde dichter tegen Harry aan, zodat hun lippen elkaar nog niet raken.
"Uhm…Drammm…" zei Harry, maar werd gestopt toen Malfidus hem met veel passie kuste. Malfidus drong zijn tong bij Harry naar binnen en al gauw begon Harry terug te zoenen.

Na enkele minuten stopten ze om op adem te komen.
"Laat me nu alsjeblieft gaan Draco." zei Harry.
"Nee, ik heb nog één vraag voor je." zei Malfidus.
"Wie ben jij in werkelijkheid?" zei Malfidus terwijl hij diep in de ogen keek van Harry.
"Wie ik ben? Waarom vraag je dat. Ik heet Lilly." zei Harry nerveus. "Alsjeblieft, laat me nu gaan. Ik ben nogal moe en ik wil morgen op tijd komen voor mijn eerste les."
"Nee, ik wil eerst nog weten wie je bent." zei Malfidus.
"Ik weet iets beters." zei Harry. "Ik geef je wat tips en je mag raden wie ik ben. We komen dan één keer per week op vrijdag weer hier om een stukje te lezen ui thet boek en dangeef ik je nog een tip of je mag me zeggen wie ik ben. We moeten wel een tijdstip afspreken."
"Oké, wat dacht je van acht uur s'avonds?" zei Malfidus.
"Ja, dat is goed. Maar laat me dan nu gaan." zei Harry.
"Oké, omdat je me dat zo vriendelijk vraagt." zei Malfidus met een glimlach. "Tot vrijdag, Lily."
"Tot vrijdag, Draco" zei Harry terwijl hij naar de deur liep die net weer verscheen.