Hoofdstuk 1

17 mei, 17:25 uur, Neustadt

Holger stond voor de spiegel. Hij was niet tevreden met wat hij aan had. De trui vloog door de kamer heen en lande op een stoel. Hij trok een andere trui uit de kast en probeerde die aan. Toen hij hem aan had, bekeek hij zich kritisch in de spiegel. "Ook niet!" Bromde hij. Yara was ondertussen in de deuropening komen staan. Deze trui vloog ook weer richting stoel. "Hoe lang gaat het nog duren?" Vroeg Yara lachend. "Jij bent nog erger dan een vrouw Pap!" Holger draaide zich om. "Sorry!" Mompelde hij. Yara liep de kamer binnen en ging naast hem staan. Ze trok een zwarte broek, een wit hemd en een zwart jasje uit de kast en gaf het aan hem. "Trek dit maar aan," zei ze en verliet de kamer.

Holger bekeek zich in de spiegel. "Niet slecht." Een glimlach verscheen op zijn gezicht. "Inderdaad," zei Yara die weer in de deuropening was verschenen. "Maar ik mis nog iets." Holger liep naar de ladekast en trok deze open. Hij haalde er iets uit en stopte het in de borstzak van zijn jasje. Hij draaide zich om naar Yara. Toen zag hij het. Ze zag er betoverend uit in haar zwarte jurk. "Wauw..." zei hij. "Wauw terug," zei Yara. "Maar nu moeten we opschieten, want Kai heeft me al drie keer gebeld!" "Ik moet Gregory nog aankleden." "Is al gebeurd. Hij is al klaar voor de start." Holger glimlachte. "Nou dan. Laten we gaan."

17 mei, 17:48 uur, Pelzerhaken

Corinna en Zara waren ondertussen al gearriveerd bij Kalle's Café. "Hoi Corinna," begroette Kai haar. "Hoe heet deze slapende schoonheid?" Vroeg Kai toen hij in de wandelwagen keek. "Zara," antwoordde Corinna. "Mooie naam. Julia Kamp past vanavond op de kinderen. Als je door die deur heen gaat is het de derde deur rechts." Corinna knikte. Ze volgde Kai's aanwijzingen en ging de derde deur binnen. "Hallo. Ik ben Corinna von Hardenberg." "Hallo. Ik ben Julia Kamp. En wie is dit?" Vroeg Julia aan Zara die ondertussen wakker geworden was. "Zara," antwoordde Corinna trots. "Hallo Zara." Zara keek haar aan en glimlachtte.

Holger en Yara reden de parkeerplaats op bij Kalle's Café. Kai kwam al aangelopen. "Wauw," zei hij toen Yara uit de auto stapte. "Bevalt het?" Vroeg Yara die Kai's gezicht zag. Kai kon alleen nog maar knikken. "Is Corinna al hier?" Vroeg Holger nieuwsgierig. Hij was benieuwd of ze gekomen was. "Ze is tien minuten geleden gearriveerd samen met Zara," antwoordde Kai en knipoogde naar Yara. Holger knikte en liep snel naar binnen.

"Hoe gaat het?" Vroeg Kai en kuste Yara. "Het gaat wel. Vanmorgen was het echt erg. Heb de hele morgen boven de wc gehangen." Kai legde een arm om haar heen. "Ik heb vanmorgen Gruber de envelop overhandigd. Ik heb nog niets gehoord." Hij had het nog niet helemaal uitgesproken of zijn mobieltje ging af. "Gruber," zei hij en wees op het display. "Laat maar rinkelen," zei Yara. "Laten we naar binnen gaan." "Goed idee."

Binnen zat de feeststemming er al goed in. "Gruber heeft net gebeld," zei Kalle toen Kai en Yara binnenkwamen. "Hij heeft me net proberen te bereiken om mijn mobieltje. Had extra niet opgenomen. Als hij me wil spreken, dan moet hij maar komen." "Hij vroeg of hij iemand mee kon brengen, en ik heb ja gezegd." Yara en Kai keken elkaar aan. "Zou het?" Zei Kai. "Ik hoop het," antwoordde Yara.

17 mei, 17:58 uur, Pelzerhaken

Gruber parkeerde zijn auto en stapte uit. Hij liep naar de passagierskant en deed de deur open. Een dame stapte uit en haakte haar arm in bij Gruber. "Die zullen opkijken," zei de vrouw tegen Gruber. "Dat denk ik ook," zei Gruber lachend. "Wat zat er eigenlijk in de envelop die Kai je gegeven had?" Vroeg de vrouw nieuwsgierig. Gruber haalde de envelop tevoorschijn en gaf hem aan de vrouw. Ze opende de envelop en haalde de twee foto's tevoorschijn. "Een tweeling," zei ze zacht. "Tweeling?" Zei Gruber verbaasd. "Ja, een tweeling." "Nou, dan heeft hij over een half jaar een hoop te doen," lachte Gruber. "Ja, inderdaad." Gruber en de vrouw liepen nu richting Kalle's Café en gingen naar binnen.

Binnengekomen waren alle ogen op hen gericht. Gruber deed net of hij het niet merkte en liep samen met de vrouw op Kai en Yara af. "Kai en Yara, hartelijk gefeliciteerd," zei hij en gaf Kai een hand en kuste Yara op haar wang. "Ik zal me eerste even voorstellen. Ik ben Lena Pelzer een goede vriendin van Hermann Gruber. Hartelijk gefeliciteerd." Zei Lena beleefd. "Dank je wel Mevrouw Pelzer," zei Kai die haar meteen herkend had. Dat was al een hele tijd geleden. Hij moest toen een jaar of 10 zijn geweest.

"Dat is lang geleden dat ik haar voor het laatst heb gezien," zei Kai tegen Gruber. Yara en Lena waren aan een tafeltje gaan zitten en waren diep in gesprek. "Ja, inderdaad. Twee weken geleden heeft ze me gebeld. Ze was op Fehmarn vanwege haar werk." "Ik dacht dat ze ergens in Afrika werkte?" Kai keek richting de twee vrouwen. "Ja, dat heeft ze lang gedaan. Drie jaar geleden is ze terug gekomen. Ze geeft nu les aan de Universiteit in Kiel," antwoordde Gruber. "Ze heeft mijn foto in de krant gezien en heeft toen contact opgenomen. Ik was aangenaam verrast." "Kan ik wel begrijpen," zei Kai. "Zo. Nu wil ik even de dansvloer op," zei Gruber. "Goed idee." Samen liepen ze naar de beide vrouwen toe, maakte een buiging en vroegen hen ten dans. Beide vrouwen glimlachten en bogen ook. Kai en Hermann glimlachten ook en leidde de vrouwen de dansvloer op.

Holger en Corinna stonden ondertussen ook op de dansvloer. "En? Van de schok bekomen?" Vroeg Corinna. "Ja. Was een leuke verrassing," zei Holger en keek richting zijn dochter en Kai. "Ze heeft het goed getroffen met Kai." Corinna knikte. "Corinna? Ik heb een vraagje," begon Holger. "Heb je misschien zin om met Zara, Gregory en mij naar het vogelpark te gaan?" Corinna keek hem aan. "Oké dan. Wanneer?" "Komende zaterdag."

17 mei, 18:42 uur, Stella Maris

De verpleegkundige van de Stella Maris rende over het dek richting de brug."En?" Vroeg de zenuwachtige kapitein aan de verpleegkundige, toen hij deze tegenkwam op het dek. "Vergeet het. Er is niets meer aan te doen," antwoordde deze. "Ook dat nog!" Woedend draaide de kapitein zich om en liep terug naar de brug. "Is het probleem opgelost?" Vroeg hij aan zijn eerste stuurman. Deze knikte en wees richting de reddingsboot. "Karl brengt ze op dit moment aan land." "Mooi," bromde hij en verliet de brug.

Karl keek voortdurend om zich heen. Hij moest ze zo snel mogelijk aan land brengen. Karl keek nu richting land om te zien of er al een signaal zichtbaar was. Plotseling begon de motor van het bootje te sputteren. "Wat nu weer!" Geïrriteerd stond hij op. Doordat hij te snel opstond begon het bootje gevaarlijk te schommelen. Karl verloor zijn evenwicht en viel met een plons in het water. Het bootje ging verder zonder zijn passagier.

17 mei, 19:42 uur, Pelzerhaken

Kai en Yara waren ondertussen ertussen uitgeknepen. Hand in hand liepen ze langs de waterkant. "Heb jij al een datum in gedachte?" Vroeg Yara. "Ja. Jij?" Kai stopte en keek Yara aan. Deze schudde haar hoofd. "Ik heb iets geregeld," begon Kai. "Het zou eigenlijk een verrassing worden, maar ik vertel het toch nu maar." Yara keek hem aan. "Het heeft met onze huwelijksreis te maken. Zou ik deze mogen regelen?" Nu werd Yara nieuwsgierig. "Waar naar we naar toe?" Kai schudde zijn hoofd. "Dat blijft een verrassing. Mijn voorstel qua datum is 1 september." "Prima."